Explosiegevaar in de industrie.

De bedrijven waar fijn brandbaar stof voorkomt of met brandbare gassen wordt gewerkt daar is het gevaar van explosie aanwezig.  De eenvoudigste manier om explosieveiligheid te garanderen is ervoor te zorgen dat er geen brandbare stof aanwezig is. Is de stof echter noodzakelijk en niet vervangbaar door een stof die minder explosierisico heeft, dan moeten de omstandigheden in een explosieve atmosfeer worden beheerst.

 

Ontstaan van een explosie.

 

Explosiegevaar is aanwezig zodra een mengsel van lucht en een brandbare stof (in de vorm van gassen, dampen, nevels of stof) onder atmosferische omstandigheden wordt ontstoken en na ontsteking uitbreidt totdat alle brandbare stof verbrand is. Het explosiegevaar kan zich uiten in drie vormen:

  • Gas-explosiegevaar
  • Nevel-explosiegevaar
  • Stof-explosiegevaar

 

Gas-explosiegevaar.

 

Wanneer brandbare gassen in de atmosfeer vrijkomen, vermengen ze zich direct met de lucht die voor circa 21% uit zuurstof bestaat. Als de concentratie van de brandbare stof in het ontstane gasmengsel tussen de onderste en de bovenste explosiegrens ligt, dan kan het mengsel ontploffen als het wordt ontstoken.

 

Nevel-explosiegevaar.

 

Een vloeibare brandbare stof zal afhankelijk van de dampspanning in meerdere of mindere mate verdampen en zal dus met de lucht een ontplofbaar mengsel vormen. De snelheid waarmee damp wordt gevormd en de concentratie boven het vloeistofoppervlak worden hoger naarmate de temperatuur van de vloeistof hoger is. Zodra de vloeistof een temperatuur boven zijn vlampunt heeft, ligt die concentratie boven de LEL en is het mengsel ontsteekbaar. Wanneer een vloeistof wordt verstoven, ontstaan zeer kleine druppeltjes, oftewel nevel. Hoe kleiner de druppeltjes zijn, hoe stabieler de nevel is, en des te meer deze zich als een gas gedraagt en vervolgens op een overeenkomstige manier kan ontploffen: nevelontploffing.

 

Stof-explosiegevaar.

 

Voor het optreden van een stofontploffing is het nodig dat een brandbare vaste stof in fijn verdeelde vorm (denk hierbij aan poeder) wordt opgewerveld en intensief met lucht (of een ander zuurstofhoudend gas) wordt gemengd alvorens te worden ontstoken.

 

Wettelijke verplichtingen.

 

De werkgever is op grond van de Arbowet verplicht een beleid te voeren dat erop gericht is de werknemers te beschermen tegen explosiegevaar. Het Arbeidsomstandighedenbesluit artikel 3.5 a-f bevat de bepalingen van de Europese richtlijn 1999/92/EG (ook wel bekend als ATEX 153). Hierin staan de verplichtingen rondom explosiegevaar. De daaraan verbonden risico’s voor de werknemer moeten schriftelijk worden vastgelegd in een zogenaamd explosieveiligheidsdocument

 

 

Maatregelen om explosiegevaar tegen te gaan.

 

In algemene zin kan zowel gas- als stofexplosiegevaar worden voorkomen door:

  1. Het vervangen van de brandbare stof door een stof met mindere en/of geen brandbare eigenschappen.
  2. Een brandbare stof binnen de omhulling/proces te houden en niet op te laten mengen met de omgeving van de installatie.
  3. Het werken onder ventilatiecondities waardoor explosiegevaar kan worden uitgesloten omdat de concentratie van de onderste explosiegrens niet bereikt kan worden. Denk hierbij aan het toepassen van ventilatoren die geschikt zijn om in ATEX omgeving gebruikt te worden.
  4. Het werken onder zuurstofarme condities (inertiseren) waardoor explosiegevaar kan worden uitgesloten.
  5. Repressief: het wegnemen van ontstekingsbronnen op plaatsen waar explosiegevaar zich kan voordoen of de ontstekingsbronnen laten voldoen aan een passend beschermingsniveau zodat de kans op ontsteking voldoende verlaagd wordt.
  6. Specifiek het voorkomen van stofexplosiegevaar kan plaatsvinden door invulling van de volgende doelstellingen:
  • Preventief: zorg ervoor dat geen brandbaar stof kan worden opgewerveld op plaatsen waar potentiële ontstekingsbronnen kunnen zijn (denk hierbij aan schoonhuishouden).
  • Repressief: zorg ervoor dat (als preventie niet mogelijk is of faalt) een stofwolk niet ontstoken wordt door gebruik te maken van explosieveilig materiaal.
  • Beheersing: zorg ervoor dat (als preventie en repressie onmogelijk zijn of falen) de door een ontploffing veroorzaakte schade beperkt blijft (denk hierbij aan een explosieluik) en zorg ervoor dat een eerste kleine ontploffing niet kan leiden tot een wellicht veel zwaardere secundaire ontploffing.

 

CSrental beschikt over huuraperatuur die geschikt is voor ATEX omgevingen. Voor een deskundig advies kunt u contact opnemen met een van onze adviseurs.

 

Bron: ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid.